Puberbrein
Tijdens een workshop over het boek 'Puberbrein binnenste buiten' heb ik veel geleerd over de denkwijze van de puber. De puberleeftijd loopt volgens de nieuwste inzichten van 10–25 jaar, dat heeft alles te maken met de ontwikkeling van de frontaalkwab. Wil je hier meer over weten? Kijk dan op: www.puberbrein.nl of lees het boek. Ook de wetenschap probeert de geheimen van het puberbrein te ontrafelen. Het onderzoek van Eveline Crone (zie ook hier) biedt inzichten waar ook de pedagogiek en de didactiek, bijvoorbeeld, veel aan kunnen hebben.
Deze kennis is voor mij bijzonder waardevol geweest bij het maken van mijn lessen en het benaderen van de studenten.

<< terug naar de vorige pagina

Onderwijs aan jongens anders dan aan meisjes?
Van recente datum is de discussie over de feminisering van het onderwijs en de gevolgen daarvan voor jongens.
Jarenlang werd veel geld gestopt in het inhalen van de achterstand van meisjes in het onderwijs. Nu zien we een tegenovergestelde ontwikkeling. Jongens krijgen te weinig ruimte om zich naar behoren te ontwikkelen. Er zit een duidelijk verschil tussen de ontwikkeling van jongens en meisjes. Men heeft ontdekt dat, door de vele vrouwen voor de klas, er geen balans meer is, en de ontwikkeling van jongens niet tot zijn recht komt.
Ook het studiehuis traint vooral vrouwelijke (sociale)vaardigheden. De afstroom in het onderwijs treft vooral jongens, zo bleek uit onderzoek in het middelbaar onderwijs. Daardoor doen jongens langer over hun schoolloopbaan; met alle gevolgen van dien. Jongens zullen er wel komen, maar begrip voor hun manier van leren zou al een hele vooruitgang zijn.
Reageren of een zinvolle bijdrage leveren aan de nieuwste inzichten?

<< terug naar de vorige pagina

Waarom is de opleiding Communicatie vooral een opleiding voor meisjes, en Commerciële Economie voor jongens?
Meisjes volgen vooral de opleiding communicatie (75%) omdat hier vooral taalvaardigheid en sociale vaardigheden worden gevraagd.
Jongens kiezen voor CE, omdat het hier meer om prestatie gaat en rekenvaardigheid. Dat is wat kort door de bocht geformuleerd misschien, maar toch! Misschien een leuk onderzoeksproject voor een (aankomend)wetenschapper?

<< terug naar de vorige pagina

Kansen voor iedereen in het onderwijs!
Naar mijn mening kent het onderwijs te weinig onderscheid en maatwerk. Zolang je gemiddeld scoort, niet lastig bent en bijna geruisloos het onderwijs doorloopt is er geen risico voor de school, de leerling/student en de ouders. Maar voor wie anders is, bijvoorbeeld minder– of hoogbegaafd, uit een andere cultuur of buurt komt, of (te) weinig of (te)veel ambitie heeft, is het lastig.
Differentiatie en maatwerk komen steeds minder voor. Kijken naar, en ruimte bieden aan talenten van kinderen komt nog maar mondjesmaat voor in Nederland. Er zijn positieve ontwikkelingen gaande maar het gaat langzaam.
Kinderen moeten nu voldoen aan de eisen en wetten. Afstraffen op fouten. Er wordt niet gekeken naar wat een kind wél kan, of hoe op een andere manier hetzelfde bereikt kan worden.
Kinderen moeten, vind ik, kansen krijgen het beste uit zichzelf te halen en daar is maatwerk voor nodig. Er moet geïnvesteerd worden in kinderen waarbij serieus gekeken wordt naar hun mogelijkheden; wat kunnen ze wel en wat niet.
Nu vormt te vaak het risicovermijdende gedrag van de school de basis voor het onterecht afstromen van leerlingen en daardoor belanden, of stranden, te veel studenten in een verkeerde studie.
Wat is de oplossing?
Kleine klassen in basis– en middelbaar onderwijs waardoor meer mogelijkheden tot maatwerk en differentiatie ontstaan. Daardoor verbetert ook de begeleiding en wordt het onderwijs, ook voor leerkrachten, weer leuk en komt passie en enthousiasme terug in het onderwijs!
Met name bij pubers wordt, naar mijn mening, onvoldoende rekening gehouden met de specifieke eigenheid van de leefstijdsgroep.
Reageren of een zinvolle bijdrage leveren aan de nieuwste inzichten?

<< terug naar de vorige pagina

Voorstellen tot herinrichting van het HBO
In september 2009 begon de minister over de herinrichting van het HBO. Die discussie komt bijna iedere vier jaar op het ministerie terug.
Kwaliteit in het hoger onderwijs is natuurlijk van groot belang. Het afleveren van goede beginnende professionals op wel vakgebied dan ook is een vereiste. Maar hoe bereiken we dat?
Door studie–uitval te voorkomen of selectie aan de poort?
Door studenten op een later moment een keuze te laten maken?
Door in het voortraject van de keuze veel meer aandacht te besteden aan wat studies voorstellen?
Door te vertellen wat de beroepsperspectieven zijn als ze opleiding doen?
Door het aantal studies waar een student uit kan kiezen ver terug te dringen?
Nee! Door te accepteren dat een hbo–opleiding een prima basis is voor een functie binnen bedrijf of organisatie en dat de hbo–er daar verder opgeleid wordt en een kans krijgt door te groeien!

Een andere terugkerende vraag is, wie er in het HBO voor de klas moet? Hoe dat onderwijs in te richten zodat de student van succes verzekerd is (een utopie), hoe groot de klassen moeten zijn, wat de vrijheid is in het geven van dat onderwijs (of niet), ga zo maar door!
Eén ding is zeker: alle onderwijsinstellingen, en dus de docenten, moeten goed contact houden met het werkveld, en de ontwikkelingen daarin zodat het onderwijs daar zo goed mogelijk op kan inspelen. Daarnaast wordt de docent geschoold in didactische vaardigheden. Deze basis is voor elke werkveld of opleiding gelijk.
Reageren of een zinvolle bijdrage leveren met de nieuwste inzichten?

<< terug naar de vorige pagina

Coachen van studenten anders dan volwassenen?
Deze vraag heb ik me gesteld. Immers, ik kom uit het werkveld en heb daar collega's, al dan niet vanuit hiërarchisch perspectief gecoacht. Het grote verschil is dat studenten verplicht gecoacht worden en dat het bij volwassenen meer eigen keus is. Ook is de overgang na het middelbaar onderwijs op dit terrein groot. De student zal er dus aan moeten wennen dat de coach de problemen niet overneemt, maar dat hij het zelf moet oplossen, al dan niet met professionele hulp.
Deze verschillen geven met name in de beginfase een andere invalshoek en vragen andere vaardigheden van de coach. Vooral het verwachtingsmanagement aan beide kanten is van belang voor een goedlopend proces.

<< terug naar de vorige pagina

Hoger Beroeps Onderwijs en de politiek
Dat het Hoger Onderwijs afhankelijk is van politieke beslissingen staat op gespannen voet met het streven naar continuïteit en kwaliteit. Voor een docent is vooral de eigen opleiding(en) en het Instituut van belang. Maar het College van Bestuur zal veelal wel de politieke ontwikkelingen moeten volgen en dat heeft bijna altijd, op de korte of lange termijn gevolgen voor de docent.
Als de minister iets 'roept' over tijdschrijven, werkdrukverlaging of productiviteitverhoging; voelt dat voor een docent vaak als aanval op zijn werk(wijze), en dat doet dan het imago van het docentschap geen goed.
Ik hoop dat de onderwijsagenda, initiatief van de Volkskrant, bij kan dragen aan de kwaliteitsverbetering van het Hoger Onderwijs en het imago en werkplezier van het docentschap. En dat men oog krijgt voor de continuïteit, diversiteit en maatwerk binnen het onderwijs!

<< terug naar de vorige pagina

Belang van creativiteit in het onderwijs
Niet alleen bij de opleiding Communicatie maar eigenlijk bij alle opleidingen is het ontwikkelen van creativiteit voor de beginnend professional van groot belang. Het gaat dan uiteraard niet om het talent om goed te kunnen tekenen of iets dergelijks, maar meer om het vermogen om out of the box te denken, problemen op te lossen en daar technieken voor aan te leren.
Als creativiteit ontbreekt, dan worden alle oplossingen voorspelbaar en zal niemand verder dan zijn neus lang denken.
Binnen de opleiding Communicatie wordt veel aandacht besteed aan creativiteit binnen de modules. Naast de module creativiteit zelf (in het eerste jaar, waar de basis wordt gelegd), ook in vakken als strategieën bedenken voor nieuwe producten, campagnes voor nog te lanceren producten, plannen voor interne communicatie om een probleem op te lossen binnen een organisatie, klanten aan oplossingen te helpen binnen Comm2Work en nog veel meer. Alleen op deze manier zullen studenten in staan zijn om na hun opleiding deze vaardigheden te gebruiken in hun dagelijks werk.

<< terug naar de vorige pagina

Inspireren tot leren
Het blijft belangrijk én een uitdaging om studenten te inspireren om te leren. Op welk niveau dan ook. Het belang van de docent is dat de stof die behandeld moet worden goed bij de student terecht komt. Op het HBO betekent dat vaak dat zij zelf moeten inzien waarvoor zij het vak nodig hebben, wat zij er mee kunnen in de latere beroepspraktijk en hoe zij het in de rest van de stof kunnen plaatsen. Als zij er dan zelf mee aan de slag kunnen, is dit een extra stimulans. Tijdens een congres van Noordhoff over dit onderwerp kwamen veel aspecten hierover aan de orde. Als je aan individuele studenten vraagt op welke manier zij uitgedaagd willen worden, komt bovenstaande altijd wel aan de orde.
Het is aan de docent om de "knop" te vinden en aan de student om zich open te stellen voor de aangeboden stof en open te zijn over wat wel en niet de interesse wekt.
Op deze manier worden zowel student en docent uitgedaagd om het beste uit zich zelf te halen en optimaal te presteren.

<< terug naar de vorige pagina

Nieuwe media
Tijdens een korte cursus Homo Zappiens ben ik geconfronteerd met de vele mogelijkheden op het terrein van nieuwe media. Met name het delen van kennis stond hierbij centraal. Die bereidheid moet er echt zijn, je moet weten waar je wat kunt vinden en van welk belang het is voor je eigen lessen.
Naar mijn mening is het van groot belang dat iedere docent op de hoogte blijft van alle ontwikkelingen op dit gebied. Waarom altijd het wiel zelf uitvinden als veel anderen dat al voor je hebben gedaan? Aanpassen aan je eigen lessen kost dan minder moeite en het gebruik maken van andermans expertise is daarbij een hulpmiddel. De materialen die je aantreft, zijn geplaatst door mensen die er ook zo over denken, dus het niet bezwaarlijk vinden dat jij dat gebruikt. Integendeel, ze willen het juist stimuleren.
Binnenkort meer links over dit onderwerp!

<< terug naar de vorige pagina

Testen van persoonlijke kwaliteiten en talenten
test op www.gitp.nl over persoonlijke kwaliteiten

Communicatiestijlen
test op www.gitp.nl over communicatiestijlen

<< terug naar de vorige pagina

Effect = kwaliteit × acceptatie
Bij een goed advies gaat het om het behalen van een maximum effect. Dat kan bereikt worden met een kwalitatief goed advies. De andere voorwaarde is de acceptatie door de opdrachtgever. Als één van de twee of allebei niet goed is, zal het effect zichtbaar verminderen. Dit heeft uiteraard gevolgen voor de uitvoerbaarheid van het advies. Een goed adviseur heeft dus altijd oog voor de opdrachtgever, leert luisteren tussen de regels door en zijn handelswijze hierop aanpassen.
Er is veel over gezegd en geschreven. Iedereen kent ook wel voorbeelden hoe het niet moet of hoe het verkeerd is gegaan, maar het zelf beter doen, blijkt vaak nog een hele opgave.
Voor veel HBO beroepsbeoefenaren is advisering een zeer belangrijk onderdeel van de werkzaamheden. Daarom moet de opleiding hier veel aandacht aan besteden, vooral hoe dit in de praktijk te brengen.

<< terug naar de vorige pagina

Diversiteit aan werkvormen
Het gebruiken van verschillende werkvormen is van groot belang in het lesgeven. Want als stof op diverse manieren wordt aangeboden, is de kans groter dat de student dit goed toepast in de praktijk.
Toch blijft het lastig om in de geboden tijd dit te realiseren. Spelvormen, testen, gastlessen, rollenspellen, toetsen van de theorie, hoorcolleges, het blijft passen en meten én het goed in de gaten houden van het beoogde effect.
Wat bij de opleiding Communicatie veel wordt gedaan, is het direct koppelen van theorie aan praktijk. De theorie hebben ze direct nodig voor het maken van een groepsopdracht en individuele opdrachten. Deze manier van leren is voor de meeste studenten een prettige en effectief.

<< terug naar de vorige pagina

Nut en noodzaak van een leerwerkbedrijf
Als enthousiast promotor van het leerwerkbedrijf Comm2Work kan ik zeggen dat dit door studenten als een zeer leerzame periode wordt ervaren. Binnen Comm2Work staat het leren omgaan met klanten, het uitbrengen van een effectief, verfrissend advies etc centraal. Na hun stage, die ook al voor de meesten zeer leerzaam was, komen ze in aanraking met de latere beroepspraktijk en worden de teams gecoacht op het zelfstandig oplossen van problemen.
Een leerwerkbedrijf is een relatief dure onderwijsvorm, maar bijzonder nuttig ter voorbereiding van de beroepspraktijk en het afstuderen.
Van belang is wel dat de student dit ook zo ervaart en dat hij/zij de kans krijgt zijn/haar talenten te laten zien en de periode echt persoonlijk in te vullen.
Daar gaat een voorbereidingstijd aan vooraf. Studenten moeten hiervoor warm gemaakt worden en inzien dat het "meer dan alleen maar school" is en dat zij, als zij het handig aanpakken, echt iets aan hebben ook in de toekomst!
Om het leerwerkbedrijf ook succesvol te laten zijn voor opdrachtgevers, is een goede en concrete informatievoorziening van groot belang. De ervaring heeft geleerd dat ook opdrachtgevers nog wel eens begeleiding nodig hebben om zich de juiste houding te geven naar de studenten toe.
Pas als beide partijen goed op de hoogte zijn van wat er van elkaar verwacht wordt, wordt de effectiviteit van advies en acties optimaal. Hier wordt in het hele proces van acquisitie tot uitvoering dan ook veel aandacht aan besteed.
Hoe je een leerwerkbedrijf kunt inrichten en waar het in het curriculum het beste past, verschillen de meningen. Ik denk dat vooral de doelstelling van de opleiding hierin van belang is. In hoeverre is het nuttig voor de motivatie van de student, hoe wil je je profileren naar de buitenwereld, welke plaats neemt het OIIO beleid in en zo zijn er nog veel meer argumenten te benoemen.
Topprioriteit moet zijn dat het in het plaatje past en dat de student en opleiding er wel bij varen.

<< terug naar de vorige pagina

Competenties en talenten van de student
De competenties waaraan een student moet voldoen aan het eind van de HBO opleiding staan allemaal netjes beschreven in documenten. Over unieke en persoonlijke talenten en ontwikkeling kom je al minder tegen.
Competenties zijn een duidelijke richtlijn waar naar de student kan en moet streven. Het gaat uit van een einddoel en de student probeert zijn tekorten daarop weg te werken door modules te volgen die hierin proberen te voorzien. Aan het eind van de opleiding is de student HBO waardig.
Maar wat doet de student met zijn al aanwezige talenten? Krijgt de student de kans om deze verder te ontwikkelen/ te gebruiken? En hoe verhouden deze talenten zich tot de eerder genoemde competenties? Weet een student eigenlijk wel welke taltenten hij/zij bezit?
Het is een uitdaging voor docenten en studenten om studenten talenten te leren ontdekken en te gebruiken voor het ontwikkelen van de benodigde competenties waaraan de student uiteindelijk moet voldoen. Uitgaan van wat de student wel beheerst is een sterker uitgangspunt dan steeds maar de nadruk te leggen op wat de student niet heeft. Met de bewustwording van de sterke kanten, worden zwakke punten ook gezien en ontwikkeld vanuit een ander perspectief. En juist die eigen ontwikkeling tot een unieke beroepsbeoefenaar en het bewustzijn daarvan, vergroot de kans op het vinden van een passende omgeving om het beroep uit te oefenen.
En dat komt uiteraard de kwaliteit van de student en dus ook de opleiding ten goede.

<< terug naar de vorige pagina

Competenties van de docent
Wanneer is een docent competent voor het lesgeven in het Hoger Beroeps Onderwijs? Gelukkig zijn er allerlei documenten ontwikkeld, waarin dit enigszins staat omschreven. Ook in vacatureteksten zijn gewenste competenties terug te vinden.
Toch is er een grote verscheidenheid in docenten, gelukkig maar. Docenten zijn uniek in hun mix van didactische, coachende en sociale vaardigheden. Net als studenten overigens. Het hangt ook van het vak af dat gegeven wordt, de werkvormen die gebruikt worden en hoe de docent zich hierbij thuisvoelt etc.
Wat door veel studenten belangrijk wordt gevonden is de passie voor en (actuele) kennis van het vak, de rechtvaardigheid van behandeling, duidelijkheid over regels en interesse in de personen aan wie les wordt gegeven. Hoe beter dit voor het voetlicht komt, des te beter doet de docent het in de ogen van de studenten.
Kortom: alle documenten zijn prima uitgangspunten, maar juist de combinatie van bovenstaande bepaalt of de docent zijn vak goed en met plezier kan uitvoeren.

<< terug naar de vorige pagina

Monica Heikoop